• Economische factoren

    Hieronder staat een reeks factoren om rekening mee te houden bij de aanschaf van zonnepanelen, voor het gemak 'economisch' genoemd. Ze gaan dus eerder over harde euro's dan techniek of fysieke voorwaarden.

    Koophuizen, huurhuizen, andermans dak

    Heb je een koophuis, dan zit je sowieso beter. Je kunt zelf bepalen wat te doen met het dak. Is je pand een erkend monument, dan gelden er speciale regels; zie daarvoor het Bouwbesluit.

    Ben je een huurder, dan is het vaak lastiger. De verhuurder is meestal de eigenaar en bepaalt wat er met het dak gebeurt. Bovendien kan het lastiger zijn te salderen. Sommige verhuurders hebben constructies waarbij zowel huurder als verhuurder profiteren. Sommige verhuurders willen het überhaupt niet hebben. Neem dus contact op met de verhuurder en vraag naar de mogelijkheden.

    Een andere optie is om juist andermans dak te gebruiken (leasen) om je eigen zonnepanelen op kwijt te kunnen. Hier zijn ook enige initiatieven voor, die (hopelijk) de juridische voetangels verwijderen zodat je zelf vooral de lusten en niet de lasten ervaart.

    Je kunt ook degene zijn die juist zijn dak ter beschikking stelt aan anderen voor zonnepanelen. Deze opties zullen we verder niet behandelen, Google helpt je verder. Tip: gebruik als zoektermen 'zonnepanelen dak leasen'.

    Verhuizen

    Zowel technisch als economisch: bedenk dat huiseigenaren gemiddeld elke zeven jaar verhuizen. Het kan dan soms dat de zonnepanelen meeverhuizen, ga dit eventueel na bij de installateur. De aanwezigheid van zonnepanelen op een te verkopen huis schijnt de verkoopkans te vergroten. Dit lijkt dus een klein risico te zijn.

    Installeren of laten installeren

    Laten installeren kost maar zo 1000 euro bovenop de prijs van alle materialen. Dit kan maar zo 25% van de totaalprijs zijn van een installatie. Het is duidelijk dat dit bedrag een flinke impact kan hebben op de terugverdientijd.

    Wil je het zelf doen, wees dan wel zeker van je zaak. Bovendien wordt in verband met brandgevaar sterk aangeraden om bij een installatie boven ongeveer 500 Wp een aparte groep in de meterkast aan te leggen, waaraan alleen het zonnepanelensysteem gekoppeld is. Dat is al snel het geval. Dit moet formeel gedaan worden door een gediplomeerd elektricien. Houd in dat geval dus ook rekening met extra kosten.

    Als stimuleringsmaatregel is de BTW op arbeidskosten (dus niet op materiaal) anno 2013 tijdelijk verlaagd van 21 naar 6%. De installatiekosten zullen zo dus lager uitvallen. Voor elke 1000 euro installatiekosten ex BTW zou je dus normaal 1210 euro betalen; nu tijdelijk 1060. Dat scheelt.

    Ontwikkelingen energieprijs

    Op de meeste sites waar je een schatting van de terugverdientijd kunt berekenen, wordt uitgegaan van een flink stijgende lijn in de energieprijzen (regelmatig wordt 7% of zelfs meer genoemd).

    Dit is helaas een onjuiste aanname - het is eerder ongeveer 3%. Een van de meest essentiële sites op het gebied van zonne-energie, Polder PV, houdt al geruime tijd bij hoe deze ontwikkelingen verlopen en waaruit de energieprijs is opgebouwd (waaronder een belangrijke factor: energiebelasting). Wat daar ook duidelijk wordt, is dat vooral vaste kosten (vastrecht) wél hard zijn gegroeid de afgelopen jaren. Die hebben niets te maken met de terugverdientijd. Wel is helder dat de energiebedrijven met het vastrecht ongeacht stroomverbruik- en productie geld kunnen verdienen aan burgers.

    Uiteraard, hoe meer de energieprijs stijgt, hoe korter de terugverdientijd zal zijn. Deze zou je in schattingen over de economische haalbaarheid mee moeten nemen. Maak je dus gebruik van zo'n tool op internet, dan is ons advies de stijging zeker niet op 7% te zetten.

    Salderen

    Salderen is in feite het weg mogen strepen van je elektriciteitsverbruik tegen elektriciteitsopwekking met je panelen. Dit geldt ook als je opwek op andere momenten plaatsvindt dan je gebruik. Dit is bijvoorbeeld zo als het buiten donker is en je thuis wel elektriciteit verbruikt. Of andersom, op een dag dat de zon schijnt versus een heel donkere dag.

    Drie aspecten hieraan zijn wat ons betreft van belang te weten.

    Ten eerste. Vanaf 1 juli 2013 is in de wet vastgelegd dat je in elk geval even veel stroom mag leveren als verbruiken. Deze worden dan volledig met elkaar verrekend. Uiteraard, als je minder opwekt dan je verbruikt, betaal je voor het netto afgenomen deel het reguliere tarief. De laatste mogelijkheid is dat je meer levert dan afneemt (een 'negatief verbruik'). Dit is een belangrijke situatie om in de gaten te houden. Bij vrijwel alle energieleveranciers ontvang je dan een veel lager tarief dan voordat je die grens passeerde. Zoek dit dus op voor je eigen leverancier, of overweeg over te stappen als een andere een betere regeling heeft.

    Greenchoice heeft bijvoorbeeld een extra mogelijkheid om een beperkt gedeelte tussen de jaren met elkaar te verrekenen. Zo kun je toch tegen het interessante saldeertarief enigszins meer produceren dan je verbruikt (mits je het jaar ervoor of erna juist iets minder verbruikt).

    Houd hier dus rekening mee bij het schatten van de opbrengsten van je zonne-installatie. Het advies is voor nu om deze niet groter te maken dan je zelf aan energie ongeveer zult verbruiken. Een 'oplossing' zou kunnen zijn om bij meer levering dan afname, gewoon meer elektriciteit te gaan verbruiken. Maar dat is niet echt handig, omdat besparing in z'n algemeenheid duurzamer is. Bovendien, het alternatief van aardgas is meestal aantrekkelijker (bijv: elektrisch koken versus koken op gas).

    Ten tweede. De overheid houdt (momenteel) er niet van dat burgers ondernemers worden. Je ziet het terug in het punt hiervoor: 'veel' zelf opwekken wordt bepaald niet gestimuleerd. Onder het kopje Subsidies kun je juist lezen dat bestaande ondernemers interessante subsidies kunnen ontvangen. Enfin, er bestaan ook voor salderen andere regels voor grootverbruikers dan voor kleinverbruikers (meestal burgers). Simpelweg kun je salderen als kleinverbruiker en dat is als je zekeringen niet groter dan 3x80 Ampère zijn. Dat is voor de meeste huishoudens het geval.

    Verder, er is al het verschil tussen huur- en koophuizen genoemd. Zoals te begrijpen: salderen kan daar een lastige zaak zijn. We raden dus voor bedrijven en huurders (ook verenigingen van eigenaren) aan specifiek advies te vragen bij een duurzaamheidsadviseur en/of zonnestroomleverancier.

    Ten derde. Goed te weten is dat in de meeste rekenmodellen die je vindt op internet, ervan wordt uitgegaan dat dit salderen altijd zo blijft bestaan. Dat is nog maar de vraag, zeker als energieleveranciers en/of netbeheerders het moeilijker krijgen met het verwerken van duurzame energie. Zoals in het vorige onderdeel over de opbouw van energieprijzen al werd aangegeven, bestaat de prijs voor een groot deel uit energiebelasting. Als de overheid besluit dat dit deel van de totaalprijs niet of minder mag worden verrekend bij het salderen, dan worden zonnepanelen (financieel) opeens veel minder interessant.

    Bestaat die kans? Zeker. Hoe groot is die kans? Lastig te zeggen. Het ook verrekenen (niet betalen) van energiebelasting kost de Staat inkomsten. Het netwerk krijgt ook steeds meer duurzame energie te verwerken. Dit kost ook extra investeringen. Bovendien wordt met het steeds verder installeren van 'slimme meters' duidelijk wie wat produceert en verbruikt. Het zou niet vreemd zijn als er ook voor burgers met zonnepanelen een situatie ontstaat dat zij meer in een 'vrije markt' van elektriciteit terechtkomen. Ofwel, als er veel aanbod is van elektriciteit, dan zou je een lagere prijs kunnen ontvangen (en andersom, natuurlijk).

    Vooralsnog is dat niet het geval en ontvang je voor je geproduceerde kWh evenveel als je zou betalen bij afname van het net.

    Subsidies en belastingen

    Er bestaan allerlei subsidies voor duurzame energie of soms specifiek voor zonnepanelen. Ze zijn voor burgers en/of bedrijven, eenmalig (bij aanschaf) of per opgewekte kWh. Ze worden verstrekt door het Ministerie van Economische Zaken (Agentschap NL) op rijksniveau, maar ook regelmatig op regionaal of lokaal niveau. Zie daarvoor de sites van je provincie of gemeente.

    Van Agentschap NL is het van belang te weten dat vanaf begin augustus dus eenmalige subsidie voor burgers ten einde is. De langer lopende SDE-subsidie voor bedrijven bestaat echter gewoon, evenals de Energie Investeringsaftrek. Deze maken dat zonnepanelen voor bedrijven gauw zeer interessant zijn. Terugverdientijden worden drastisch teruggebracht. Kijk dus op de site van Agentschap NL voor meer informatie.

    Ten slotte was er media 2013 sprake van het kunnen terugvragen van BTW door ook burgers van de aanschaf van zonnepanelen. Dit klinkt positief, echter dat is nog maar de vraag. Burgers zouden dan 'BTW-ondernemers' zijn, in feite kleine energieproducenten. De BTW op aanschaf zou dan afgetrokken moeten, maar ook zou BTW moeten worden betaald over de opbrengsten. De eindgebruiker betaalt deze uiteindelijk altijd, zoals bij alle producten. Maar wie is dit? Deels ook de opwekker zelf. Echter, die BTW-afdracht zou vervolgens kwijt worden gescholden in de meeste gevallen, omdat de meeste burgers zouden vallen onder de Kleine-OndernemersRegeling. Duurzaamheidsadviseur Henri Bontenbal schreef een analyse van de situatie. Het blijkt dat consumenten de keuze hebben om 'BTW-ondernemer' te worden of niet. Ons gevoel zegt: toch maar niet doen, veel papierwerk.

    Internationale handelspolitiek

    Chinese zonnepanelen zijn momenteel over het algemeen het voordeligste. Dit wordt echter deels veroorzaakt door overheidssubsidies in China. Vandaar dat medio 2013 de EU heeft bepaald dat er importheffingen worden opgelegd voor Chinese zonnepanelen. Na verder overleg tussen de EU en China is een minimumprijs voor Chinese panelen overeengekomen.

    Dit soort ontwikkelingen zou men in de gaten moeten houden omdat ze de prijs drastisch kunnen beïnvloeden. Zo was er eerst sprake van een heffing tot wel 2/3 van de prijs. Deze gaat vooralsnog gelukkig niet door. Maar wie weet wat de toekomst brengt.

    Onderhoud en reparaties

    Men richt zich vaak op de aanschafkosten van een systeem. Vlak echter onderhoud en reparaties niet uit. Een omvormer is duur in aanschaf, gaat vaak iets meer dan tien jaar mee terwijl de garantie daarvan vaak slechts vijf jaar is. Voor de levensduur van een installatie zijn vaak ongeveer twee omvormers nodig. Gebruikt men micro-omvormers, dan is dit probleem vaak minder groot omdat ze snel een heel zonnepanelenleven meegaan (ca 25 jaar). De aanschaf daarvan is vaak ook twee keer zo duur, dus al met al lijkt het niet veel uit te maken.

    Daarnaast zou er af en toe een storing kunnen optreden en zou e.e.a. schoon gehouden moeten worden. Schoonmaken zelf is misschien niet duur, maar het kan lastig zijn. Bovendien, zoals eerder uitgelegd, gaan de opbrengsten van het systeem achteruit door vuil op de panelen.

    Gezamenlijk inkopen

    Er zijn tegenwoordig talloze inkoopacties gaande, waarbij veel mensen op nationale t/m lokale schaal zonnepanelen inkopen tegen gunstiger tarief.
    Op o.a. Polder PV staat een lange lijst met de daar bekende acties in Nederland. Overigens blijkt in de praktijk dat de voordelen niet altijd even rooskleurig zijn als misschien gehoopt.

    Een andere manier van gezamenlijk inkopen is: vraag een flink aantal buren in je omgeving of ze zonnepanelen willen (wijs ze op deze site om de voordelen te laten zien, natuurlijk :)) en contacteer een aantal installatiebedrijven. Deze willen vaak voor zulke geconcentreerde klussen enige korting geven. Staat dat al niet op de site van een leverancier, vraag er dan gewoon zelf naar.