• Zijn zonnepanelen duurzaam?

    Het antwoord hangt nogal af van wat men onder de term 'duurzaamheid' of 'duurzame ontwikkeling' verstaat. Er zijn tientallen definities van. Eén van de bekendste is die afkomstig van Brundtland (1987):

    Duurzame ontwikkeling is ontwikkeling die aansluit op de behoeften van het heden zonder het vermogen van toekomstige generaties om in hun eigen behoeften te voorzien in gevaar te brengen.

    Lineair en cyclisch

    Een definitie van 'duurzaam' die veel mensen tegenwoordig aanspreekt is: 'zo cyclisch mogelijk handelen'. Dit in tegenstelling tot 'lineair handelen'. Lineair wil bijvoorbeeld zeggen: het aantasten of vernietigen van een leefomgeving om aardolie op te pompen, waarbij allerlei vervuiling ontstaat, met o.a. de gevolgen dat die omgeving en/of olie later niet meer te gebruiken is, gezondheidsschade, uitsterven van soorten, etc.; daarna de olie verwerken tot kunststoffen, die na gebruik verbrand of gedumpt worden. Verbranden en dumpen hebben vergelijkbare gevolgen. Vroeger werd gesproken van (de zorg van) 'Cradle to Grave' (lineair, van wieg tot graf). Wat tegenwoordig bij cyclisch aansluit is juist 'Cradle to Cradle'


    Verkorte weergave van 'Cradle to Cradle' - cyclisch handelen

    Meer cyclisch zou de oplossing zijn om bijvoorbeeld een snel groeiend gewas te verbouwen (liefst zonder inbrengt van fossiele brandstoffen), dit te verwerken tot een plastic, dat biologisch afbreekbaar is (en zo weer als grondstof voor nieuwe vegetatie leidt) of kan worden herverwerkt tot een volgende generatie kunststof.

    In het geval van zonnepanelen zouden deze dus liefst met hulp van hernieuwbare energie worden gefabriceerd, met grondstoffen die rijkelijk aanwezig zijn én na recycling van de zonnepanelen weer gebruikt kunnen worden voor andere nuttige doeleinden - of nieuwe panelen. Een bekende non-profitorganisatie die zich bezighoudt met het recyclen van zonnepanelen is PV Cycle. Momenteel is het mogelijk ca 90% te recyclen.

    Een aardige toevoeging is nog die vanuit religies, we nemen voor het gemak de Bijbel: wij gaan 'van stof tot stof'. Dit is in feite ook cyclisch, al lijkt ons leven zich soms van geboorte tot dood uit te strekken. Nee, we kwamen uit 'stof' en worden weer 'stof', om tot nieuwe vormen te komen, maar dan niet meer als de mens die je nu bent. Bovendien, vanuit de Bijbel zou de mens rentmeester moeten zijn over de aarde. Wat ons betreft valt daar een duurzaam beheer onder, niet het lineair uitputten, vernielen, verbranden, dumpen, etc. In oudere godsdiensten werd ten slotte de zon als oppergod beschouwd. Maar ook een modernere 'spiritueel leraar' als Eckhart Tolle zegt:

    In this sense-perceived universe, if you want to use anything here to compare God to, the most appropriate thing would be the sun. The sun is the source of seemingly inexhaustible energy, and the giver of life. The very heat in your body comes from the sun indirectly. The sun of course is not eternal, but compared to the human life span it can be considered virtually eternal, it's so much vaster. And it gives freely of itself, millions and millions of years of pouring out energy.

    Energetische return on investment

    Een andere manier om ertegenaan te kijken is een quasi-economische: 'hoeveel eenheden energie moeten we investeren om één eenheid (zonne)energie te verkrijgen?'. Deze methode is ook bekend onder de naam EROEI: energy returned on energy invested. Vergelijkbaar met de bekendere 'ROI' dus, return on investment. In dat geval gaat het om geld.

    Vroeger kostte het zoveel energie om zonnepanelen te fabriceren, dat in de hele levensduur van zonnepanelen er minder werd opgewekt dan nodig was deze te maken. Dat klinkt niet bepaald duurzaam.

    Heden ten dage echter is er door verregaande efficiëntieverbeteringen de EROEI sterk verbeterd. De geïnvesteerde energie is ongeveer binnen 1,5-3 jaar terugverdiend. Als een zonnepaneel ca 25 jaar meegaat, wordt dus 25 gedeeld door ongeveer 2 maal meer energie opgewekt dan geïnvesteerd. Een EROEI van ongeveer 12, dus. Hoe hoger, hoe beter. Waarden die men vindt op internet zijn nogal variërend, trouwens. Voor moderne zonnepanelen vinden we praktische waarden tussen ca 7 en 30.


    EROEI-waarden voor enkele energiedragers/leveranciers en hun huidige richting - bron

    Ter vergelijking: windmolens, vooral de grotere, scoren soms nog veel hoger dan 12. Vroeger kostte het ongeveer 1 liter olie om 100 liter olie als brandstof te verkrijgen. Een zeer hoge EROEI van 100 dus, die tegenwoordig alleen nog bij zeer optimale omstandigheden wordt behaald. Het gemiddelde is wereldwijd slechts 19. Een 'slechte' waarde voor olie gevonden in Amerika is bijvoorbeeld 3.

    Tijd en geld

    Als we 'duurzaam' beschouwen als 'langdurig houdbaar', ook dan is zonne-energie vele malen duurzamer dan fossiele energiebronnen. Deze gaan, afhankelijk van het type, nog enkele tientallen (aardgas) tot enkele honderden (olie) jaren mee. De zon echter blijft naar verwachting nog miljoenen jaren schijnen. Gratis en voor niets. De fossiele reserves worden dan weer échte reserves, namelijk 'voorraden voor als de hoofdbron (zon) het even laat afweten'. Trouwens, ook windenergie is een (secundaire) vorm van zonne-energie, omdat temperatuurverschillen wind veroorzaken.


    Lastig te vinden, die energiebron...

    Zelfs financieel is hernieuwbare energie duurzamer, of zou dat moeten zijn. De negatieve effecten van fossiele brandstoffen zijn meestal namelijk niet doorberekend in de prijs van die brandstoffen, vandaar dat ze ook wel (negatieve) externe effecten worden genoemd, ofwel externaliteiten. Wie betaalt dan die onbetaalde effecten? Belastingbetalers, premiebetalers, etc.

    Bovendien ontvangen wereldwijd (ook in Nederland) 'fossiele' bedrijven ongeveer zeven keer meer (indirecte en directe) subsidies dan groene bedrijven. Iets anders geformuleerd, in maart 2013 deed nota bene het Internationaal Monetair Fonds een oproep deze subsidies drastisch te beperken. Ze zijn nu circa 2,5% van het wereldwijde BBP (min of meer: 'inkomen'). Niet alleen verstoren ze de marktwerking, kosten ze belastingbetalers geld, maar moedigen ze ook aan om te vervuilen. Een bizarre situatie.

    Secretaris-Generaal van de VN Ban Ki-Moon sprak eens:

    Continuing to pour trillions of dollars into fossil-fuel subsidies is like investing in sub-prime real estate. We must direct investment away from dirty energy industries.

    Alternatieven

    Voordat we de conclusie trekken over de duurzaamheid van zonnepanelen, nog iets over alternatieven.

    Zonnepanelen lijken vaak interessant. Bedenk echter, volgens de theorie van Trias Energetica ('energetische drie(een)heid'), dat de eerste stap van duurzamer energieverbruik is om energie te besparen. Dit is meer een logische systeemkeuze. Of het financieel altijd de beste keuze is, valt te bezien (zeker als zonnepanelen ook nog gesubsidieerd zijn).


    Trias Energetica - prioritering van acties

    Trias Energetica wil praktisch min of meer zeggen: gebruik eerst minder (elektrische) apparaten en isoleer het huis. De tweede stap is het inzetten van hernieuwbare energiebronnen, zoals het installeren van zonnepanelen. De laatste en dus 'minst gewenste' stap is om niet-hernieuwbare bronnen in te zetten op een zo schoon mogelijke manier. Zie daarvoor eventueel ook de site van MilieuCentraal, die allerlei duurzame investeringen uitlegt en een schatting van de (financiële) besparing weergeeft.

    Conclusie

    Zonne-energie lijkt een betere keuze vanuit de 'klassieke' duurzaamheidsdefinitie, vanuit economisch en energetisch perspectief, voor de liefhebber zelfs vanuit de spirituele of godsdienstige hoek. De keuze zou snel gemaakt moeten zijn, wat ons betreft.

    Misschien wil je nu al enkele offertes aanvragen, maar voordat wij dit zelf deden, vonden we het interessant eerst beter geïnformeerd te raken over de factoren die de haalbaarheid voor de eigen situatie bepalen. Dat kan ook handig zijn om kritisch te zijn en goede vragen te stellen bij offertes. Dus: op onze site vind je een kort algemeen antwoord; verder economische en technische achtergronden op de haalbaarheidsvraag zodat je zelf een behoorlijk goed antwoord kunt geven voor je eigen situatie; ten slotte een praktijkvoorbeeld zodat je nog eens kunt zien hoe de verschillende factoren meegenomen kunnen worden in het antwoord.